Uitgangspunten kadernota 2027

1. Inleiding

Met deze Kadernota 2027 stelt de gemeente de financiële en technische uitgangspunten vast voor de uitwerking van de begroting 2027 en de meerjarenraming.

De inhoudelijke en bestuurlijke keuzes voor de komende bestuursperiode worden gemaakt bij de voorbereiding van de begroting 2027, op basis van het coalitieakkoord. De kadernota biedt daarmee het financiële vertrekpunt voor de begroting 2027 en geeft richting aan de verdere uitwerking in het najaar.

2. Vertrekpunt

De gemeente zet in op duidelijkheid en daadkracht, op een financieel gezonde, wendbare en weerbare organisatie. Daarbij blijft het uitgangspunt dat de begroting structureel en reëel sluitend is.

De financiële positie van Rijswijk staat onder druk door de groei van de stad, de omvangrijke investeringsopgave en de ontwikkeling van RijswijkBuiten. Tegelijkertijd blijft het noodzakelijk om te investeren in voorzieningen, leefbaarheid en dienstverlening.

Bij de verdere uitwerking van de begroting 2027 worden daarom zorgvuldige afwegingen gemaakt tussen ambities, beschikbare middelen en financiële risico’s.

3. Groei van de stad

Rijswijk blijft groeien. Die groei heeft gevolgen voor de inkomsten, uitgaven, voorzieningen en investeringen van de gemeente.

Voor de begroting 2027 houden we daarom rekening met de ontwikkeling van het aantal inwoners en woningen. Ook kijken we naar de gevolgen voor de algemene uitkering en de belastingen.

In deze kadernota gebruiken we de meest actuele prognoses. Voor de ontwikkeling van woningen en de WOZ-waarden gebruiken we de peildatum van december 2025. De WOZ-waarde is de geschatte waarde van een woning voor de belasting.

Voor de financiële gevolgen van de groei van de stad sluiten we aan bij de prognoses en de beste inschatting op dat moment. Voor de meerjarenbegroting gebruiken we de verwachte ontwikkeling van het aantal inwoners en de groei van het aantal woningen.

Per 1 januari

2026

2027

2028  

2029

2030  

2031

aantal woningen

29.899

30.649

31.399

32.149

32.899

33.649

WOZ waarde woningen x 1.000,-

12.053.192

12.278.192

12.503.192

12.728.192

12.953.379

13.178.192

WOZ waarde niet woningen x 1.000,-*

2.484.179

2.633.230

2.738.559

2.848.101

2.950.633

3.056.856

gemiddelde bezetting van 1 woning

2,069

2,071

2,070

2,070

2,069

2,069

inwoners

61.874

63.463

65.001

66.540

68.078

69.616

*Niet-woningen eigenaar en niet-woning gebruikers samen

4. Prijsontwikkeling

Bij de uitwerking van de begroting 2027 wordt rekening gehouden met de verwachte prijs- en loonontwikkelingen.

Daarbij wordt de meest recente landelijke raming van de Consumentenprijsindex (CPI) gehanteerd.

Prijsontwikkelingen worden verwerkt in:

  • gemeentelijke exploitatiebudgetten;

  • subsidies;

  • gemeenschappelijke regelingen;

  • lokale heffingen;

  • lonen en huren.

Uitgangspunt is dat indexatie binnen de beleidsvelden en programma's wordt gecompenseerd tot het niveau van de middelen die de gemeente hiervoor van het Rijk ontvangt. Eventuele aanvullende indexatie wordt in eerste instantie binnen de bestaande beleidsprogramma’s opgevangen.

Index exploitatiebudgetten

Voor de prijsontwikkeling 2027 wordt uitgegaan van een inflatiecorrectie van 2,1% op basis van de meest recente Prijs materiële overheidsconsumptie (imoc) van hetCentraal Planbureau. Dit is de algemene grondslag voor de verwerking van de verwachte prijsontwikkeling in de begroting 2027.

We compenseren inflatie binnen de begroting tot het niveau van de middelen die hiervoor vanuit het Rijk beschikbaar worden gesteld. Als deze middelen ruimte overlaten, kunnen specifieke budgetten aanvullend worden aangepast op basis van branchegerichte indexaties, zoals de OVA-index (overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling), de NEA-index (Nederlands Vervoerswetenschappelijk Instituut (NVI) en het Economisch Bureau voor het weg- en watertransport) of bouwindexen.

Verstrekte subsidies

Indien indexatie in de subsidieaanvragen wordt opgenomen, wordt bij de beoordeling van de subsidieaanvraag meegewogen of er een gemotiveerde noodzaak aanwezig is. Hierbij wordt rekening gehouden met de Algemene subsidieverordening Rijswijk 2020 en de beleidskaders.

Gemeenschappelijke regelingen

De kaderbrief begroting 2027 voor de gemeenschappelijke regelingen in Haaglanden bevat de financiële en organisatorische uitgangspunten voor de begroting 2027. Door de aanhoudende druk op de gemeentelijke financiën moeten de gemeenten scherp letten op de kosten en de uitvoering van taken. Daarom vragen zij ook aan de gemeenschappelijke regelingen om kritisch te blijven kijken naar de balans tussen taken en beschikbare middelen.

Voor 2027 geldt een indexeringspercentage van 3,8%. Daarnaast is het uitgangspunt dat een weerstandscapaciteit hoger dan 1,0 niet nodig is. Is de weerstandscapaciteit hoger, dan moet het meerdere worden teruggestort aan de deelnemende gemeenten, tenzij een hogere weerstandscapaciteit goed kan worden onderbouwd.

Gemeenten en gemeenschappelijke regelingen bespreken tijdens het begrotingsproces met elkaar wat haalbaar is en wat de gevolgen zijn voor de dienstverlening.

Lokale heffingen

De gemeente wil dat de woonlasten voor inwoners lager dan gemiddeld zijn in de regio Haaglanden. Daarbij kijkt de gemeente naar het totaal van de woonlasten.

De gemeente past de onroerendezaakbelasting elk jaar aan op basis van de inflatie. Voor de rioolheffing geldt als uitgangspunt dat deze de kosten dekt. De gemeente rekent hierbij niet de kosten voor kwijtschelding mee.

De afvalstoffenheffing is in Rijswijk relatief hoog in vergelijking met de regio. De kosten voor het ophalen en verwerken van afval stijgen de komende jaren harder dan de inflatie, onder andere door hogere rijksheffingen. De gemeente wil de afvalstoffenheffing zo laag mogelijk houden.

Aanpassingen van tarieven, zoals de OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing, worden integraal afgewogen. Voor andere leges en retributies geldt ook dat de opbrengst de kosten moet dekken.

Loonontwikkeling

De huidige Cao Gemeenten loopt tot en met 31 maart 2027. Op dit moment zijn er nog geen onderhandelingen gestart en is er nog geen rekening gehouden met mogelijke financiële consequenties hiervan.

Huren

Voor huuraanpassingen wordt over 2027 2,1% verhoging gehanteerd op basis van de meest recente Prijs materiële overheidsconsumptie (imoc) van hetCentraal Planbureau.

5. Uitgangspunten begroting 2027

De financiële gezondheid van Rijswijk is kwetsbaar. Vooral de wendbaarheid en weerbaarheid, waaronder de solvabiliteit, staan onder druk door de groei van de stad, een groot investeringsprogramma en RijswijkBuiten.

Het algemene uitgangspunt is dat de begroting en meerjarenraming structureel en reëel sluitend is. Daarnaast versterken we het eigen vermogen, zodat de financiële gezondheid verbetert. Dat betekent dat we geld dat we niet uitgeven, toevoegen aan de algemene reserve.

Hiervoor hanteren we de volgende uitgangspunten:

  • Bij het opmaken van de begroting 2027 houden we rekening met de afspraken die zijn vastgesteld in het coalitieakkoord.

  • We bouwen verder aan een toegankelijke en controleerbare begroting met inzicht in vrij besteedbare en gebonden middelen.

  • We houden de begroting structureel in evenwicht met voldoende risicoreserves.

  • Structurele uitgaven dekken we met structurele inkomsten.

  • We compenseren inflatie binnen de begroting tot maximaal het niveau van de middelen die we daarvoor krijgen van het Rijk. Eventueel niet gedekte inflatie wordt in eerste instantie binnen het beleidsprogramma opgevangen.

  • Tekorten compenseren we in eerste instantie binnen een beleidsprogramma. Meevallers laten we terugvloeien naar de algemene middelen zodat een integrale afweging mogelijk is.

Vervolgstappen

In november 2026 stelt de gemeenteraad de begroting 2027 vast. De onderwerpen die de komende zomerperiode worden uitgewerkt richting de begroting 2027 zijn:

  • Coalitieakkoord

  • Meicirculaire

  • Lange termijn investeringsplan (LTIP)

  • GR-begrotingen

  • Meerjaren onderhouds planning (MOP)

  • Voorzieningenniveau

  • Financiële gezondheid